Het volgende verhaal van Pake typ en bewerk ik met gemengde gevoelens. Inmiddels is het 26 april 2023 en ik heb nog geen enkele kieviet gezien in de weilanden van de Onlanden, terwijl 20 jaar geleden het tewiet tewiet niet van de lucht was en de lapwings hun fantastische duikvluchten maakten, zelfs als je over de weg liep, om het nest te beschermen. Ik heb pake vroeger wel eens gevraagd waarom ze de nesten leegroofden, het antwoord was steevast dat de nesten die ze leeghaalden, niet levensvatbaar waren en de vogels wel weer nieuwe nesten zouden leggen en dat het daarom na een bepaalde datum niet meer mocht. Dat accepteerde je dan als kind, je grootvader hield een traditie in stand bovendien. Maar het was ook geldelijk gewin, de eieren leverden goed geld op zoals je in zijn relaas kan lezen. Ik moet wel zeggen: Pake hield zich aan de wet en als die wijzigde paste hij zich aan. Hij deed dus nooit wat onwettigs. Gelukkig is er intussen betere wetgeving tegen het eieren zoeken, lang heeft het geduurd want in 1980 was al bekend dat het aantal kievieten daalde en het eieren zoeken moest ophouden. Natuurlijk is ook het bewerken van het land met grote machines en te vroeg de oorzaak van de neergang van de weidevogels. En dat is nog steeds niet aangepakt..

De jacht op kievitseieren en meer anno 1985

W ij leerden als jonge jongens onderling al te kievitseieren zoeken, die gingen we dan verkopen. Op een keer had ik, dat was 26 maart, op goede vrijdag, 3 kievitseieren in een nest gevonden. Die nam ik direct onder de pet en ben ermee naar de poelier in Leeuwarden gefietst. Daar kreeg ik er 60 cent per stuk voor, dat was heel veel. Maar dat hadden we ook nodig hoor, want onze polsstok was gebroken en die kostte wel een rijksdaalder, dus ik moest er nog wat eieren bij zoeken voordat we een rijksdaalder bij elkaar hadden. Ja, dat was een heel andere tijd. In mei kocht je dan een paar jonge konijntjes voor twee dubbeltjes het stuk, en die kwamen dan in het hok. Ze werden opgefokt tot Kerstmis en dan verkocht je ze voor een rijksdaalder. Die rijksdaalder ging dan op het spaarbankboekje.

In die tijd mocht je kievitseieren zoeken tot 30 april, en ook eendeneieren en grutto-eieren. Nu mag je hier in Bathmen maar zoeken tot en met 5 april en in Friesland is het een week later, dus de 12e, omdat het daar wat kouder is en omdat het zoeken daar wat beter geregeld is

Z e hebben me hier een keer aangehouden toen ik aan het kievitseieren zoeken was met Foppe, die tante-zegger van de vrouw. We hadden net 2 eieren gevonden en gingen verder het land op, daar stopte een politie­busje en er stapten twee agenten uit. Ze kwamen het land op en vroegen of ik een vergunning had om eieren te zoeken. Ik haalde een hele stapel papiertjes uit de zak en haalde het papier van Stegeman van wie het land was, eruit. "Maar meneer" zei hij, "u moet ieder jaar een nieuw briefje hebben". Ik vroeg of dit dan niet onder de jachtwet viel, maar hij zei dat dit onder de vogelwet viel. Toen ik zei dat ik dan wel een ander briefje zou halen zei hij "nou ja, laat dan maar". Hij dacht natuurlijk "Als ik hem een proces-verbaal schrijf, dan gaat hij even naar die boer en haalt een nieuw briefje, en als hij dan voor het kantongerecht komt met zo'n nieuw briefje dan sta ik er toch weer naast." Met de jachtwet is het heel anders, de jachtvergunning geldt voor 6 jaar. In Friesland kan je dan jagen bij de boerderijen. Alles is vlak, alleen bij de boerderijen staan wat bomen, maar in het land zitten veel hazen en eenden. Je mag alleen maar jagen als je 40 hectare grond aan één stuk hebt; zo'n boer of eigenaar van dat land heeft dan het jachtrecht en als hij jou een briefje geeft dat jij daar een keer mag jagen, dan mag je daar jagen. Je kunt dat jachtrecht ook verkopen, maar dat moet wel bij de notaris worden vastgelegd. In de polder betalen ze voor een jachtakte wel f 2000,- en die is dan 6 jaar geldig. Dan is het ook zo, dat wie de vergunning heeft er één persoon mee mag nemen.

Ik heb dus zolang ik op de ambachtsschool zat eieren gezocht, dus tot mijn 17de, maar toen ik ging werken ben ik ermee opgehouden. Toen ik in Deventer aan school les gaf ging ik natuurlijk nooit zoeken, maar ik heb één keer gehad, ik was op een zondagmiddag aan het fietsen met Jennie bij het Driekwartierslaantje, dat ik een vogel zag zitten en ik dacht: verdorie, die heeft daar een nest. Ik ben even over het prikkeldraad geklommen en heb daar drie kievitseieren weggehaald.









Het eerste jaar dat we hier in Bathmen woonden ben ik met Lammers, die leefde toen nog en kende alle boeren, de boeren langs gegaan om briefjes op te halen dat ik op hun land eieren mocht zoeken en ben begonnen te zoeken. Dit jaar heb ik maar 27 eieren gevonden, verleden jaar had ik er wel 40, dat komt omdat alles wel een week later is door de kou.

Ik kom voor een stuk land, gooi een stokje omhoog, ik zie de vogel opvliegen, ga naar het nest waar hij vandaan vliegt, en ja, 4 eieren. Ik gooi altijd een stokje omhoog, want dan vliegt hij dadelijk op. Als ik blijf lopen, dan loopt hij ook en dan vliegt hij misschien pas aan de andere kant van het land omhoog, maar daar heeft hij dan helemaal zijn nest niet. Soms hebben ze hun nest ook wel kort bij de weg, zodat ze al vliegen als je het land opkomt. Van dat eieren zoeken val ik altijd wel af hoor, want ik loop dan per dag toch gauw zo'n 5 tot 6 uur, en dan op laarzen in het weiland dat lang niet altijd vlak is en vaak drassig.

We zijn ook wel eens op Terschelling wezen eieren zoeken, op de Bosplaat, en de vrouw heeft wel eens een ei van een zilvermeeuw gevonden, ha-ha-ha: Die eieren van de zilvermeeuw zijn gemakkelijk te vinden, want hun nesten steken als een schoorsteen omhoog en die zie je al op grote afstand. Ik had dat nest allang gezien, dus ik zei tegen haar: Als jij nou eens die kant omging en ik ging deze kant op" en ja hoor, even later riep ze "Ik heb er één:"

We kwamen zondag uit de kerk en er liep een echtpaar met ons mee op. Die vrouw zei tegen me "Ik zie u dan zo lopen zoeken naar eieren en ik zou zo graag eens met u mee willen, niet om te zoeken, maar om het gedrag van de vogels te bekijken". Maar ik moet dat mens niet mee hebben hoor; zullen de mensen ook wel zeggen "waar die de Vries nou mee loopt in het land, met een vreemde vrouw"